Stikstofproblematiek: een volgende update

Op 13 november 2019 stuurde de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een Kamerbrief met een nieuwe update over de stikstofproblematiek. Ook is hierover een document met vragen en antwoorden beschikbaar gesteld.

Maatregelen op korte termijn

Het kabinet neemt nu drie maatregelen waarvan uit berekeningen van het RIVM blijkt dat deze op zeer korte termijn in te voeren zijn én op korte termijn leiden tot een daling van de stikstofdepositie. Het gaat om de volgende maatregelen:

  1. een verlaging van de maximumsnelheid op alle autosnelwegen naar 100 km/uur van 6.00 tot 19.00 uur;
  2. een ammoniakreductie via voermaatregelen, onder de voorwaarden dat deze geen negatieve effecten hebben op de gezondheid en het welzijn van dieren, andere emissies en de volksgezondheid;
  3. de bestaande warme saneringsregeling in de varkenshouderij.

De maatregel voor het veevoer is een doelvoorschrift waaraan het veevoer moet voldoen. Deze maatregel zal gelden voor alle diersectoren. Voor melkvee is er een wat andere situatie, omdat het voer van melkvee hoofdzakelijk bestaat uit gras en mais en minder uit krachtvoer. Het kabinet onderzoekt nog in hoeverre de overheid de ondernemer tegemoet kan komen in de meerkosten voor deze maatregel.

Spoedwet aanpak stikstof

Om deze maatregelen zo snel mogelijk te implementeren, is een spoedwet aanpak stikstof opgesteld. Hierin wordt ook geregeld dat voor activiteiten die geen significante gevolgen kunnen hebben voor Natura 2000-gebieden, geen natuurvergunning meer aangevraagd hoeft te worden. Het wetsvoorstel hiervoor ligt voor advies bij de Raad van State. Het streven is om het wetsvoorstel nog in 2019 door beide Kamers te krijgen.

Verdeling stikstofdepositieruimte

Van de daling van stikstofdepositie die wordt bereikt met maatregelen, komt 30% ten goede aan de natuur en kan 70% gebiedsgericht worden gebruikt om ontwikkelingen weer mogelijk te maken.

Stikstofregistratiesysteem

Voor de afname en uitgifte van stikstofdepositieruimte zet het kabinet een register (stikstofregistratiesysteem) op. Hierin wordt bijgehouden:

  • hoeveel stikstofruimte er is;
  • hoeveel stikstofruimte er wordt uitgegeven;
  • hoeveel stikstofruimte er nog beschikbaar is voor andere activiteiten in de regio.

Ruimte voor woningbouw en infrastructuur

De woningbouw en een aantal infrastructurele projecten krijgen als eerste de vrijgekomen stikstofdepositieruimte toebedeeld om nieuwe projecten en activiteiten op te starten.

Nadat de nieuwe wetgeving is vastgesteld en het stikstofregistratiesysteem is ingericht, is het voor initiatiefnemers mogelijk om van de beschikbare depositieruimte gebruik te maken.

Noodwetgeving

Er wordt noodwetgeving voorbereid om ruimte te creëren voor projecten die zorgen voor de veiligheid van onze (vaar)wegen en de waterveiligheid. Met een ecologische toets wordt beoordeeld wat de effecten van deze activiteiten voor de natuurwaarden per Natura 2000-gebied zijn. Als er sprake is van nadelige effecten, dan moeten deze worden gecompenseerd en de natuur worden verbeterd.

De noodwetgeving wordt zo snel mogelijk voor advies aan de Raad van State voorgelegd.

Pakket aan maatregelen

In december komt het kabinet met een nieuw pakket maatregelen. Dit pakket moet een generieke drempelwaarde mogelijk maken. Het kabinet wil daarmee weer ruimte bieden aan projecten en activiteiten die van belang zijn voor de nationale veiligheid, landbouw, klimaatadaptatie, infrastructuur, energietransitie en werkgelegenheid. Hiervoor is het nodig dat alle sectoren een bijdrage leveren aan het verminderen van de stikstofdepositie.

Perspectief natuur

Het kabinet zet samen met provincies in op verbetering van natuur en beter natuurbeheer.

Er wordt bekeken of de beschermde status van (kleine) Natura 2000-gebieden moet worden aangepast. De reden hiervoor is dat de kwaliteit van sommige Natura 2000-gebieden door hun omvang en ligging structureel zwak kan zijn en blijven, zelfs wanneer herstelmaatregelen worden getroffen. Het kabinet gaat hierover in gesprek met de Europese Commissie.

Ook de aanwijzingsbesluiten van Natura 2000-gebieden worden kritisch bezien. Deze worden opgeschoond, met als doel instandhoudingsdoelen die niet voortvloeien uit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, waaronder habitattypen die na aanwijzing nog zijn toegevoegd, waar mogelijk te schrappen.

Verder wordt ingezet op het samenvoegen of herindelen van Natura 2000-gebieden. In afwachting daarvan worden geen nieuwe Natura 2000-gebieden op land aangewezen.

Perspectief landbouw

Het kabinet zet in op emissiearme landbouw. Hiervoor zal het kabinet in het voorjaar van 2020 een innovatie- en investeringsregeling openstellen. Wet- en regelgeving die de toepassing van innovatieve emissiearme technieken belemmert, wordt verruimd. Daarnaast wordt financiële ondersteuning geboden voor de bijbehorende investeringen.

Verder werkt het kabinet aan het verlagen van de regeldruk door doelen in plaats van middelen voor te schrijven en experimenteerruimte toe te laten.

PAS-meldingen

Het kabinet werkt met prioriteit aan een collectieve regeling om activiteiten die op grond van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) waren uitgezonderd van de natuurvergunningplicht (PAS-meldingen) te legaliseren. Het gaat om projecten waarvoor op 29 mei 2019 (de datum van de PAS-uitspraak) de volgende situatie gold:

  • het project was volledig gerealiseerd, installaties, gebouwen en infrastructuur en dergelijke waren opgericht; of
  • het project was nog niet volledig gerealiseerd, maar de initiatiefnemer had wel aantoonbaar stappen gezet met het oog op volledige realisatie; of
  • het project was nog niet aangevangen, maar daarvoor waren wel al aantoonbaar onomkeerbare, significante investeringsverplichtingen aangegaan.

Totdat een voorziening is getroffen, zal niet actief gehandhaafd worden. Initiatiefnemers die in het kader van de vrijstellingsregeling een PAS-melding hebben gedaan of een meldingsvrije activiteit ontplooiden, hebben immers te goeder trouw gehandeld.

mw. mr. Franca Damen

Faalbeleid

Deze column verscheen in november 2019 in de regiobladen van Agrio.

Een politiek die het eigen land recht in een economische crisis duwt. Hoe verzin je het? Toch lijkt het te gebeuren, in ons eigen land. Niet alleen het falen van het PAS zorgt daarvoor, maar ook de nieuwe norm voor PFAS. Of eigenlijk is het het falen van de politiek. Het falen van het PAS was namelijk al vóór de inwerkingtreding ervan te voorzien, en anders in ieder geval vanaf de tussenuitspraak van de Raad van State van 17 mei 2017 of de uitspraak van de Europese rechter van 7 november 2018. Al die tijd had de politiek de tijd om een nieuw plan voor te bereiden. Maar dat plan ligt er 5 maanden na de PAS-uitspraak nog steeds niet. In de tussentijd zit het land nog steeds (nagenoeg) op slot. Al denkt de minister van LNV daar kennelijk anders over. Tijdens het bouwprotest op 30 oktober jl. zei ze namelijk dat het land niet op slot gaat. Onder welke steen leef je dan? Heeft de politiek écht niet in te gaten hoezeer het land op slot zit? Ik kan het mij niet voorstellen. Maar ik kan het mij ook niet voorstellen dat de politiek ons eigen land moedwillig in een economische crisis duwt.

Ingrijpen is nodig. Het land moet vooruit. Ik zeg niet dat de oplossing eenvoudig is, integendeel. Maar luister naar de boeren en de andere sectoren. Daar zitten vaak genoeg innovatieve ideeën om (tijdelijk) tot een oplossing te komen. Kom niet overhaast met verstrekkende maatregelen, maar zorg voor draagvlak voor maatregelen. Daarvoor moet er duidelijkheid zijn over de echte oorzaken van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden en duidelijkheid over de effectiviteit van maatregelen, zoals ook adviescollege Remkes aanbeveelt. Daar is nu naar mijn mening teveel discussie over. Ga die discussie aan en zorg voor duidelijkheid. Daarmee kan draagvlak worden gecreëerd. En bovendien kan de overheid op die manier uitvoering geven aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur waaraan zij is gebonden, zoals zorgvuldigheid, motivering en evenredigheid.

Dat alles ontbreekt bij de aangekondigde en ingevoerde maatregelen voor de veehouderij. Latente ruimte wordt ingenomen en rechten worden afgeroomd, en dan heb ik het nog niet over de voorgenomen inname van dier- en fosfaatrechten. Naar de effecten hiervan op Natura 2000-gebieden is niet gekeken. En naar de effecten voor bedrijven evenmin. Bovendien is het het innemen van vergunde rechten een inbreuk op het eigendom van bedrijven. Zo’n inbreuk mag alleen als die gerechtvaardigd is. Maar dat is niet getoetst. Faalbeleid noem ik dat.

mw. mr. Franca Damen

Stikstofproblematiek: een nieuwe update

Op 1 november 2019 stuurde de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een Kamerbrief met een update over de stikstofproblematiek.

Vergunningverlening woningbouw

Het kabinet wil de vergunningverlening voor de woningbouw op korte termijn weer vlot trekken. Daarvoor worden maatregelen genomen. Hierover informeert het kabinet de Tweede Kamer volgende week.

Begrotingsreserve

Uit de Kamerbrief van 4 oktober 2019 volgde nog het uitgangspunt dat voor het aanpakken van de stikstofproblematiek in de basis geen extra geld wordt gereserveerd. Daar komt het kabinet op terug. Er wordt een begrotingsreserve van € 500 miljoen ingesteld. De minister gaat met de provincies in overleg om te vragen wat hun bijdrage kan zijn.

Bronmaatregelen en drempelwaarde

Het kabinet werkt verder aan een breder pakket met bronmaatregelen. Hiermee wil het kabinet een generieke drempelwaarde mogelijk maken. Hierover is advies gevraagd aan de Afdeling advisering van de Raad van State.

Beleidsregels salderen

Op 8 oktober 2019 werden de Beleidsregels intern en extern salderen bekend gemaakt. Tussen de minister en de provincies en de provincies onderling bestaat hier verschil van inzicht over. Het kabinet en de provincies willen uiterlijk 1 december 2019 eenduidige afspraken hebben over de beleidsregels.

De provincies Friesland, Drenthe en Overijssel hebben de beleidsregels alweer ingetrokken of opgeschort. De provincie Gelderland heeft de beleidsregels tijdelijk opgeschort voor de agrarische sector; andere sectoren (zoals bouw en industrie) kunnen in theorie door. De provincie Limburg heeft aangekondigd de beleidsregels aan te zullen passen.

Wetsvoorstel warme sanering

Er is een wetsvoorstel gemaakt voor een vrijwillige, warme sanering van boerenbedrijven. Dit wetsvoorstel ligt momenteel bij de Afdeling advisering van de Raad van State.

AERIUS Calculator

Sinds 16 september 2019 is AERIUS Calculator weer beschikbaar, maar met een (zeer) beperkt toepassingsbereik. Een volgende versie van AERIUS Calculator wordt in januari 2020 beschikbaar gesteld.

Meetnet

Het meetnet is dit jaar op 20 locaties uitgebreid met stikstofdioxidenmetingen in natuurgebieden. Binnenkort wordt het meetnet voor stikstof verder uitgebreid met droge depositiemetingen van ammoniak op twee locaties. Hiermee zouden de verspreiding en depositie van stikstof beter in beeld gebracht moeten worden.

Commissie over verbeteren meet- en rekenmethode stikstof

De minister heeft een commissie ingesteld om het meetsysteem verder onder de loep te nemen.

In januari 2020 komt de commissie met een advies over de huidige meet- en rekenmethode (inclusief vergelijking met het buitenland). Hierin wordt beschreven welke verbeteringen nodig zijn, wat de relevantie daarvan is en binnen welke termijn die realiseerbaar zijn.

In juni 2020 komt de commissie met een advies waarin eventuele verbetermogelijkheden verder worden uitgewerkt, zodanig dat deze beoordeeld en geïmplementeerd kunnen worden.

Luchtvaart

Het adviescollege Remkes komt begin december 2019 met een vervroegd advies over de luchtvaartsector. Eerder is al aangegeven dat het adviescollege in december 2019 ook met een tussentijds advies over beweiden en bemesten komt.

Bijlagen

Bij de Kamerbrief van 1 november 2019 zijn tien bijlagen gevoegd.

Bijlage 1 betreft een tijdlijn van de bestuurlijke momenten voor afstemming tussen het Rijk en de provincies ten aanzien van intern en extern salderen.

Bijlage 2 betreft een beknopte rapportage over de vragen die in de Helpdesk stikstof en Natura 2000 zijn binnengekomen in oktober 2019.

De overige bijlagen betreffen verslagen van het overleg met provincies. Deze (concept)verslagen zijn echter voor het grootste deel onleesbaar gemaakt.

mw. mr. Franca Damen

Beleidsregels intern en extern salderen

Op 8 oktober 2019 zijn de provinciale Beleidsregels intern en extern salderen bekend gemaakt. Deze beleidsregels zijn een vervolg op de Kamerbrief van 4 oktober 2019, maar strekken nog verder dan deze brief. Wat houden de Beleidsregels intern en extern salderen in en wat maken ze (niet) mogelijk?

Enkele basiselementen

Een natuurvergunning mag op basis van intern of extern salderen worden verleend, als de stikstofdepositie op hexagoonniveau per saldo niet toeneemt ten opzichte van de referentiesituatie.

De referentiesituatie is:

  • de verleende vigerende en onherroepelijke natuurvergunning of
  • de milieutoestemming zoals die gold ten tijde van de Europese referentiedatum of, als daarna een milieutoestemming met een lagere N-emissie is gaan gelden, die milieutoestemming (oftewel: de laagst vergunde situatie vanaf de referentiedatum).

De referentiedatum is:

  • voor Habitatrichtlijngebieden 7 december 2004 of de datum waarop het gebied door de Europese Commissie tot een gebied van communautair belang is verklaard, voor zover die verklaring heeft plaatsgevonden na 7 december 2004;
  • voor Vogelrichtlijngebieden 10 juni 1994 of de datum waarop het gebied is aangewezen, voor zover die aanwijzing heeft plaatsgevonden na 10 juni 1994.

Hier is een overzicht opgenomen van de relevante referentiedata per Natura 2000-gebied.

Een N-emissie is een stikstofverbinding die direct of indirect vanuit een bron in de lucht, het water of op de bodem wordt gebracht.

De stikstofdepositie moet met AERIUS Calculator worden berekend. Voor zover een aanvraag betrekking heeft op onderdelen die buiten het toepassingsbereik van AERIUS Calculator vallen, verzoeken Gedeputeerde Staten op deze onderdelen om aanvullende berekeningen.

De voorwaarden voor extern salderen zoals deze al golden (voortvloeiende uit de rechtspraak), blijven bestaan, maar worden aangevuld met extra voorwaarden.

Latente ruimte wordt afgenomen

Als een bedrijf een nieuwe of een wijziging van een bestaande natuurvergunning aanvraagt en daarvoor gebruik maakt van intern of extern salderen, dan wordt de latente ruimte afgenomen. Welke ruimte dat is, verschilt bij intern en extern salderen.

Bij intern salderen wordt de onbenutte ruimte uit de vergunning weggenomen. Bij extern salderen worden de onbenutte ruimte en de niet gebruikte capaciteit weggenomen.

Uitgangspunt bij intern en extern salderen

Doordat bij intern salderen de onbenutte ruimte uit de vergunning wordt weggenomen, is de feitelijk gerealiseerde capaciteit het uitgangspunt voor de nieuwe of te wijzigen natuurvergunning. Het gaat om de capaciteit die aantoonbaar is gerealiseerd op het moment van het aanvragen van een natuurvergunning. Tot de feitelijk gerealiseerde capaciteit behoort niet het deel van de vergunde capaciteit waarvoor het bedrijf niet beschikt over de benodigde varkensrechten, pluimveerechten, fosfaatrechten of CO2-rechten. Voor fosfaaatrechten geldt een uitzondering, namelijk als een melkveehouder kan aantonen dat op 1 maart 2017 aantoonbaar meer rundvee werd gehouden dan aan fosfaatrechten is verkregen en op dat moment voldoende ruimte beschikbaar was in de stallen.

Het bevoegd gezag kan in afwijking van het voorgaande de referentiesituatie zonder inperking van de gerealiseerde capaciteit als uitgangspunt hanteren indien:

  • op 8 oktober 2019 het project nog niet geheel is gerealiseerd, maar de initiatiefnemer aantoonbaar stappen heeft gezet met het oog op volledige realisatie;
  • op 8 oktober 2019 nog niet is begonnen met het realiseren van het project, maar hiervoor wel aantoonbaar onomkeerbare significante investeringsverplichtingen zijn aangegaan;
  • het project noodzakelijk is voor de realisatie van doelen in een Natura 2000-gebied;
  • het projecten en plannen ten aanzien van / ten behoeve van (vaar-/spoor)wegen, luchtvaart, woningbouw, duurzame energieopwekking en energieprojecten van nationaal belang betreft dan wel projecten noodzakelijk in het kader van militaire activiteiten.

Doordat bij extern salderen de onbenutte ruimte en de niet gebruikte capaciteit worden weggenomen, is de feitelijk benutte capaciteit – op 8 oktober 2019 – het uitgangspunt voor de te verkopen N-emissierechten. Er mag in afwijking van 8 oktober 2019 worden uitgegaan van een hoger aantoonbaar benutte capaciteit in een van de drie hieraan voorafgaande jaren, mits dit in de vergunningaanvraag voldoende wordt onderbouwd.

Terug naar Besluit emissiearme huisvesting

Nadat de latente ruimte uit de vergunning is gehaald, moet er nog verder teruggeschroefd worden bij veehouderijen. Er moet bij intern salderen (eigen bedrijf) en extern salderen (saldogevende locatie) namelijk worden uitgegaan van ten hoogste de emissie per dierplaats op grond van het Besluit emissiearme huisvesting zoals dat geldt op het moment van het aanvragen van een natuurvergunning.

30% afromen

Bij extern salderen moet vervolgens nog 30% van de N-emissierechten van de saldogevende locatie worden afgeroomd. Op die manier dalen de N-emissies.

Intrekking dierrechten

Op dit moment is het nog niet toegestaan om extern te salderen met een bedrijf dat op 4 oktober 2019 over varkensrechten, pluimveerechten of fosfaatrechten beschikte. Dat mag pas nadat de Meststoffenwet is gewijzigd, en wel in die zin dat wanneer de ammoniakrechten van een veehouderij worden verkocht, de bijbehorende dierrechten worden ingenomen. Op deze manier wordt feitelijk dus een krimp van de veehouderij bewerkstelligd.

Salderen mag niet altijd

Salderen is niet altijd toegestaan. Als een bedrijf deelneemt aan de subsidieregeling sanering varkenshouderijen of een andere warme saneringsregeling, dan zijn intern en extern salderen niet toegestaan. Ook zijn intern en extern salderen niet toegestaan voor zover het intrekken van een vergunning noodzakelijk is op grond van artikel 6, tweede lid, van de Habitatrichtlijn. Tot slot is extern salderen niet toegestaan als de saldogevende locatie deelneemt aan de stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij.

Intrekking natuurvergunning

In nieuwe natuurvergunningen zal een voorschrift worden opgenomen dat de vergunning mag worden ingetrokken als de activiteit waarvoor de vergunning is verleend, niet binnen drie jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning is gerealiseerd.

Samenvatting

Intern salderen Extern salderen
Basis natuurvergunning of laagste vergunning sinds referentiedatum natuurvergunning of laagste vergunning sinds referentiedatum
Wegnemen latente ruimte onbenutte ruimte onbenutte ruimte en niet gebruikte capaciteit
Betekent de volgende uitgangssituatie feitelijk aantoonbaar gerealiseerde capaciteit op moment aanvraag natuurvergunning (voor zover de vereiste dier-/CO2-rechten) (met uitzonderingen) feitelijk benutte capaciteit op 8 oktober 2019 (of één van de drie hieraan voorafgaande jaren)
Terug naar Besluit emissiearme huisvesting maximale emissie per dierplaats o.g.v. Besluit huisvesting maximale emissie per dierplaats o.g.v. Besluit huisvesting
Afroming n.v.t. 30% afromen
Bijbehorende dierrechten n.v.t. worden ingetrokken
Niet toegestaan bij deelname aan warme saneringsregeling; indien intrekking rechten nodig is o.g.v. artikel 6, lid 2, Hrl bij deelname aan warme saneringsregeling of stoppersregeling ammoniak; indien intrekking rechten nodig is o.g.v. artikel 6, lid 2, Hrl

mw. mr. Franca Damen

 

Taboes

Deze column verscheen in september 2019 in de regiobladen van Agrio.

Taboes zullen er altijd zijn en blijven. Maar er zouden er van mij soms minder mogen zijn. Dan denk ik bijvoorbeeld aan naar een psycholoog gaan als je niet goed in je vel zit of ergens tegenaan loopt, of aan vrijwillig stoppen met je bedrijf. Dat lijken soms taboes te zijn, terwijl er niets mis mee is. Zo ben ik zelf ook naar een psycholoog gegaan en dat heeft mij veel inzichten gegeven. Dat heeft mij uiteindelijk een sterker persoon gemaakt. Het is toch alleen maar fijn als iemand je bij daarbij kan helpen? Want er zijn genoeg mensen die daar alleen niet in slagen. En wat is er mis met het vrijwillig stoppen van je bedrijf? Het is toch positief als je die keuze kunt maken omdat zich daarvoor bijvoorbeeld de gelegenheid voordoet. Iedereen heeft zijn of haar eigen beweegredenen, en laten we daar begrip voor hebben.

Misschien wordt wat ik nu opschrijf ook wel gezien als een taboe, maar ook dat vind ik onterecht. Ik vind namelijk dat je over bijna alles met elkaar moet kunnen praten, als je maar nadenkt over wat je zegt en niet zomaar iets roept. Iets roepen zonder dat te kunnen onderbouwen, wordt zelden in dank afgenomen. Dat maken de uitlatingen van Tjeerd de Groot wel duidelijk. Volgens hem zou de veestapel moeten halveren om het stikstofprobleem op te lossen. Maar over de argumenten daarvan had hij duidelijk niet nagedacht. Ondoordacht geroeptoeter dus.

Het klopt dat de veehouderij op veel Natura 2000 een invloed heeft en soms ook de grootste. Maar het is de overheid die hier zelf altijd aan heeft meegewerkt. Bovendien maakt het uit waar stikstof vandaan komt en welke Natura 2000 er op welke plek door wordt geraakt. En niet te vergeten: ook andere bronnen zorgen voor veel stikstof, waaronder buitenlandse bronnen die níet toetsen aan de Nederlandse natuurregels.

De minister van LNV heeft in het kader van het oplossen van het stikstofprobleem gezegd dat er geen taboes zijn. Een inkrimping van de veestapel is geen taboe, maar ook een beperking van de maximumsnelheid of een vermindering van het vliegverkeer niet. Ik ben het daarmee eens. Er zijn geen taboes. Als maatregelen maar goed en zorgvuldig worden beoordeeld en wordt gekeken naar de effecten hiervan voor (in dit geval) Natura 2000 én bedrijven. Omdat het de overheid is die zelf alles mogelijk heeft gemaakt, kunnen bedrijven naar mijn mening echter niet worden gedwongen om te stoppen of te krimpen. Dan zal de overheid daar genoeg geld voor uit moeten trekken. Dus laten we geen taboes hebben, maar open met elkaar praten zonder ondoordacht geroeptoeter.

mw. mr. Franca Damen

1 2 3 102