Taboes

Deze column verscheen in september 2019 in de regiobladen van Agrio.

Taboes zullen er altijd zijn en blijven. Maar er zouden er van mij soms minder mogen zijn. Dan denk ik bijvoorbeeld aan naar een psycholoog gaan als je niet goed in je vel zit of ergens tegenaan loopt, of aan vrijwillig stoppen met je bedrijf. Dat lijken soms taboes te zijn, terwijl er niets mis mee is. Zo ben ik zelf ook naar een psycholoog gegaan en dat heeft mij veel inzichten gegeven. Dat heeft mij uiteindelijk een sterker persoon gemaakt. Het is toch alleen maar fijn als iemand je bij daarbij kan helpen? Want er zijn genoeg mensen die daar alleen niet in slagen. En wat is er mis met het vrijwillig stoppen van je bedrijf? Het is toch positief als je die keuze kunt maken omdat zich daarvoor bijvoorbeeld de gelegenheid voordoet. Iedereen heeft zijn of haar eigen beweegredenen, en laten we daar begrip voor hebben.

Misschien wordt wat ik nu opschrijf ook wel gezien als een taboe, maar ook dat vind ik onterecht. Ik vind namelijk dat je over bijna alles met elkaar moet kunnen praten, als je maar nadenkt over wat je zegt en niet zomaar iets roept. Iets roepen zonder dat te kunnen onderbouwen, wordt zelden in dank afgenomen. Dat maken de uitlatingen van Tjeerd de Groot wel duidelijk. Volgens hem zou de veestapel moeten halveren om het stikstofprobleem op te lossen. Maar over de argumenten daarvan had hij duidelijk niet nagedacht. Ondoordacht geroeptoeter dus.

Het klopt dat de veehouderij op veel Natura 2000 een invloed heeft en soms ook de grootste. Maar het is de overheid die hier zelf altijd aan heeft meegewerkt. Bovendien maakt het uit waar stikstof vandaan komt en welke Natura 2000 er op welke plek door wordt geraakt. En niet te vergeten: ook andere bronnen zorgen voor veel stikstof, waaronder buitenlandse bronnen die níet toetsen aan de Nederlandse natuurregels.

De minister van LNV heeft in het kader van het oplossen van het stikstofprobleem gezegd dat er geen taboes zijn. Een inkrimping van de veestapel is geen taboe, maar ook een beperking van de maximumsnelheid of een vermindering van het vliegverkeer niet. Ik ben het daarmee eens. Er zijn geen taboes. Als maatregelen maar goed en zorgvuldig worden beoordeeld en wordt gekeken naar de effecten hiervan voor (in dit geval) Natura 2000 én bedrijven. Omdat het de overheid is die zelf alles mogelijk heeft gemaakt, kunnen bedrijven naar mijn mening echter niet worden gedwongen om te stoppen of te krimpen. Dan zal de overheid daar genoeg geld voor uit moeten trekken. Dus laten we geen taboes hebben, maar open met elkaar praten zonder ondoordacht geroeptoeter.

mw. mr. Franca Damen

In rep en roer

Deze column verscheen in augustus 2019 in de regiobladen van Agrio.

Nederland lijkt sinds de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) in rep en roer. Zelfs twee maanden later komt de uitspraak nog regelmatig in het nieuws. De gevolgen van de uitspraak zijn groot, dat klopt. Maar ik vind de paniek lichtelijk overdreven. Als het de agrarische sector (vóór de inwerkingtreding van het PAS) lukte om zonder het PAS natuurtoestemmingen te krijgen, waarom zou dat andere partijen dan niet lukken? En dan denk ik vooral aan de grote partijen voor bijvoorbeeld luchtvaart, infrastructuur en industrie. Je kunt mij niet wijs maken dat dergelijke partijen zonder het PAS geen natuurtoestemming zouden kunnen krijgen, terwijl de agrarische sector daarin wel slaagt. Het kost alleen meer moeite en meer geld. Maar dat moet voor zo’n partijen toch geen probleem zijn?

Ik vind het dan ook terecht dat het PAS door geen enkele sector meer mag worden gebruikt. Dat vind ik niet alleen juridisch terecht, maar ook vanuit de praktijk. Dat het ene project mogelijk belangrijker is dan het andere project (al verschilt voor iedereen wat belangrijk is), moet voor het verkrijgen van een natuurtoestemming geen verschil uitmaken. Dat er voor projecten met een ‘dwingende reden van groot openbaar belang’ een uitzondering wordt gemaakt, begrijp ik. Sommige projecten moeten nou eenmaal doorgang kunnen vinden. Overigens moeten die projecten ook worden getoetst, maar daarvoor gelden dan andere voorwaarden.

In de basis vind ik het PAS een goed bedacht systeem. Het was bedoeld om goed te zijn voor natuur én economische ontwikkelingen. Juridisch deugt het alleen niet; de waarborg voor de natuur is er niet. Nu het PAS niet meer geldt, mag er weer extern gesaldeerd worden. De ‘stikstofrechten’ mogen van het ene bedrijf worden overgeheveld naar het andere bedrijf. Per saldo mag de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden niet toenemen. Vóór de inwerkingtreding van het PAS was dit al de praktijk. Onder het PAS was extern salderen verboden. Maar nu het PAS niet meer geldt, is extern salderen weer toegestaan. De overheid werkt er echter nog niet aan mee; de overheid wil hiervoor eerst een beleidskader bedenken. Ik ben benieuwd welk konijn er wellicht uit de hoge hoed wordt getoverd… Zodra het beleidskader bekend is, zal er waarschijnlijk weer veel extern gesaldeerd worden. Dat is namelijk voor veel situaties (ook buiten de agrarische sector) dé mogelijkheid om een natuurtoestemming te krijgen. Misschien komen er dan ook hogere prijzen voor stikstofrechten uit de hoge hoed…

mw. mr. Franca Damen

AI: Agrarische Intelligentie

Deze column verscheen in juli 2019 in de regiobladen van Agrio.

De ontwikkelingen in de agrarische sector blijven hard gaan. Het aantal regels blijft toenemen. Dat kan gaan om regels op verschillende niveaus: Europees, landelijk, provinciaal of gemeentelijk. Sommige nieuwe regels mislukken ook, zoals het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Meldingen die op grond van het PAS zijn gedaan, zijn niets meer waard. Vergunningen die op grond van het PAS zijn verleend en nog niet onherroepelijk zijn, lopen het risico te worden vernietigd. De gevolgen voor de praktijk zijn groot. Dat geldt niet alleen op bedrijfsniveau, maar mogelijk ook op sectorniveau. De overheid wil namelijk mogelijk een extra pakket aan bronmaatregelen invoeren om de stikstofuitstoot te laten dalen. De vraag is wat dat weer zal betekenen voor de agrarische sector. Daarnaast is voor beweiden en bemesten voortaan een natuurvergunning nodig. Bedrijven die nu beweiden of bemesten, doen dat in beginsel illegaal. Waar gaan we heen met dit land, denk ik dan. Gelukkig wil de minister van LNV hiervoor een oplossing bedenken.

Andere opkomende ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld het klimaatakkoord met een grote CO2-reductie, de verdere uitwerking van de landbouwvisie van de minister van LNV en een nieuw mestbeleid. Iedere keer is het de vraag wat een ontwikkeling weer teweeg brengt voor de agrarische sector.

Stilstaan is achteruitgaan zeggen ze dan, maar de ontwikkelingen mogen soms ook wel eens minder hard gaan. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de technologische en digitale ontwikkelingen, want ook die gaan hard. Maar gelukkig zijn die ontwikkelingen vaak positief en/of ondersteunend. Een van die ontwikkelingen is artificial intelligence (AI). AI is een vorm van intelligentie waarmee machines, software en apparaten zelfstandig problemen oplossen; zij leren acties en beslissingen van mensen te kopiëren. AI kan op veel gebieden helpen. In toenemende mate wordt hiervan gebruik gemaakt.

Van al die ontwikkelingen moet je (enige) kennis hebben. Om in of voor de agrarische sector te werken, heb je dus veel kennis nodig. Je zou het kunnen samenvatten als een andere vorm van AI, namelijk agrarische intelligentie. Op die gedachte kwamen we tijdens de 60-jarige lustrumbijeenkomst van de Vereniging voor Agrarisch Recht. Voor mij staat AI daarom niet meer (zozeer) voor artificial intelligence, maar (vooral) voor agrarische intelligentie.

mw. mr. Franca Damen

Idiotie versus saamhorigheid

Deze column verscheen in mei 2019 in de regiobladen van Agrio.

In wat voor land leven we? Een land waar het eten van vlees illegaal wordt en het binnenvallen van stallen legaal wordt? Met het toenemende dierenrechtenactivisme in Nederland begint het daar op te lijken. De inbraak en stalbezetting van de varkenshouderij in Boxtel door Meat the Victims is daar een voorbeeld bij uitstek van. Ingrijpen van de politie bleef gedurende lange tijd uit. In de publieke opinie was de actie van de dierenrechtenactivisten echter al lang veroordeeld. Deze actie gaat namelijk te ver, veel te ver! Zelfs partijen als Wakker Dier en de Dierenbescherming namen er direct afstand van.

Laat ik voorop stellen dat ik niets tegen veganisme heb. Het al dan niet consumeren van dierlijke producten is namelijk ieder zijn of haar eigen keuze. En een debat voeren over voedselproductie en dierenwelzijn is prima. Maar doe dat in een dialoog en niet door het bezetten van stallen. Want hoe idioot kun je zijn met zo’n actie?! Ja idioot, een toepasselijker woord heb ik er niet voor. Idioot, omdat je inbreekt in andermans stallen. Idioot, omdat je deze vervolgens urenlang bezet houdt en daarmee huisvredebreuk pleegt. Idioot, omdat je daarmee gezonde dieren in gevaar brengt. Zo idioot zelfs, dat de biggensterfte de opvolgende dagen groter is dan normaal. Idioot, omdat je de varkenshouder belemmert in een normale bedrijfsvoering en de verzorging van zijn dieren. Idioot, omdat je zegt het – niet bestaande – recht te hebben om te kijken wat er gebeurt op een varkenshouderij terwijl hiervoor genoeg mogelijkheden bestaan (zichtstallen, open dagen, een verzoek daartoe, etc.). Idioot, omdat je kennelijk niet in staat bent om de dialoog op een normale manier aan te gaan. Idioot, omdat je jezelf boven de wet verheft. Zo idioot zelfs, dat het merendeel van de bevolking en ‘dierenpartijen’ je actie verafschuwen.

Tegenover deze idiotie staat de saamhorigheid die de actie van de dierenrechtenactivisten teweeg heeft gebracht bij boeren. Boeren verzamelden zich maandag bij de varkenshouderij om hun steun voor de betreffende varkenshouder duidelijk te maken en om een ‘tegengeluid’ te laten horen. De berichten op social media waren overweldigend. En de zondag erna volgde de fantastische actie van meer dan honderd trekkers die gezamenlijk als #doesnormaal in het land gingen staan. Zoveel idiotie tegenover zoveel saamhorigheid… wat ben ik toch trots op de Nederlandse boeren!

mw. mr. Franca Damen

Voorjaar!

Deze column verscheen in april 2019 in de regiobladen van Agrio.

Wat heerlijk is het toch als het voorjaar weer begint. De zon begint steeds meer te schijnen. Er worden jonge dieren geboren. En buiten komt alles in bloei te staan. Het buitenleven neemt op alle mogelijke manieren toe en mensen krijgen nieuwe energie. Ik geniet dan ook echt van het voorjaar. Ik kan vooral ook genieten van het mooie zicht en de lekkere geur van bloesem.

Nieuwe energie doet iedereen goed. Dat geldt ook voor mezelf. Nadat ik in december door mijn rug ben gegaan, ben ik veel energie verloren aan de aanhoudende pijn. Die pijn kon zelfs niet door morfineachtige pijnstillers worden geminderd. Helaas duurt de pijn, zij het gelukkig in mindere mate, nog steeds voort. De nieuwe energie die het voorjaar met zich brengt, ontvang ik dan ook met open armen.

Als je iemand bent die altijd graag bezig is, is het behoorlijk confronterend als je daarin wordt teruggefloten door je lichaam. Maar nu ik zoveel pijn had, heb ik wel geleerd om beter naar mijn lichaam te luisteren. Ondanks dat het eigenlijk heel voor de hand liggend is om goed naar je lichaam te luisteren, lijken veel mensen dat in de praktijk toch niet goed doen. Daar ben ik er zelf dus ook een van (geweest). Maar stil zitten, zit niet in de aard van het ‘beestje’. Zoals mijn vriend wel eens zegt: “mijn boerenmeisje”. Boeren lijken hierin over het algemeen namelijk een andere mentaliteit te hebben. Ze gaan altijd door en laten zich niet kennen. Ik heb dat altijd een sterke kracht gevonden. Inmiddels denk ik daar wat genuanceerder over. Het is namelijk ook belangrijk om te weten wanneer je een stapje terug moet doen of wanneer het even genoeg is geweest. Daar kan zowel een lichamelijke als een psychische of emotionele reden voor zijn. Als je bent opgegroeid met een mentaliteit om altijd door te gaan, kan het lastig zijn om een keer een grens te trekken. Maar het is zo belangrijk om wel op tijd een grens te trekken; je moet het immers de rest van je leven met je gezondheid doen. Dus daar kun je maar beter zuinig op zijn.

Ik zou willen dat ik me die les eerder had gerealiseerd, want dan waren me mogelijk verschillende ‘gezondheidskwaaltjes’ bespaard gebleven. Voortaan probeer ik dan ook beter naar mijn lichaam te luisteren. Maar de (boeren)mentaliteit van blijven doorzetten zal ik altijd blijven behouden, en daar ben ik trots op. Opgeven is geen optie, maar naar je lichaam luisteren is wel van belang. En dat is geen zwakte, maar een kracht.

mw. mr. Franca Damen

1 2 3 10